Selecteer een pagina

Technationalisme, de machtscocktail van innovatie en economie

Technologie houdt ons gevangen en biedt tegelijkertijd oneindige vrijheid, zo schrijf ik in mijn boek Wennen aan wenden. Vooruitgang is dus bijna altijd bipolair te noemen. Er bevinden zich echter altijd grijze gebieden in gepolijste oplossingen. En dat is goed want deze zetten aan tot vragen stellen bij wat we zien gebeuren.

Wat je maakt is wat je bent

Naties worden welvarend door de cocktail van innovatie en economie. Innovaties die grote impact hebben associëren we daarbij vaak met landen die daar lange tijd de boventoon mee voeren. Zo associeer je chemicaliën met Duitsland vanwege het Ruhrgebied en massaproductie met Noord-Amerika, vanwege Ford en de lopende band. Maar nu is er iets wat niet tastbaar is: geen auto, geen vat chloor, maar technologie. Veelomvattend en abstract, en de toepassing van die technologie laat zien wat er allemaal kan. Landen zetten in op dat ‘product’ en op ons adaptievermogen. Dit is een geopolitiek spel dat Technationalisme heet.

Economisch-politiek beeld

Forbes gaf recentelijk een mooie definitie van Technationalisme: een nieuwe vorm van mercantilistisch denken (een economische politiek die zich richt op de rijkdom van een land, uitgedrukt in de hoeveelheid edelmetaal) die technologische innovatie en capaciteiten rechtstreeks koppelt aan de nationale veiligheid, economische welvaart en sociale stabiliteit van een land.

Technologie verandert eenvoudigweg ook de manier waarop landen zich tot elkaar verhouden (geopolitiek) en tot hun burgers (nationaal belang). Het is grensoverschrijdend en het is regimeafhankelijk hoe ver dat (inter)nationale belang precies gaat op de geopolitieke wereldkaart.

We zijn gewaarschuwd. Zo kan een land nieuw handelsmateriaal (bijvoorbeeld data) in omloop brengen om de positie op de wereldagenda mee te versterken en de eigen burgers mee onder druk te zetten. Dat kan een toxische mix worden van nationalisme, militarisme en grote industriële slagkracht. Dat is het soort verandering waar de grip op vooruitgang wel heel letterlijk genomen wordt.

Estland en Huawei

Zodra technologie de samenleving en de cultuur van een land beïnvloedt, kan dat een ijkpunt worden voor de sterke nationale identiteit op de geopolitieke kaart. Succes wordt afgemeten aan hoe innovatief een land is, en in hoeverre men adaptievermogen ten aanzien van technologie laat zien en dat kapitaliseert. Kijk naar een voorbeeld als Estland waar je als burger elektronisch gebruik kan maken van de talloze innovatieve diensten die de Estse overheid ontwikkelde.

Een ander voorbeeld dichterbij huis: Huawei’s 5G en de monopolistische positie van deze speler. Alle toegepaste technologie in strategisch belangrijke posities dragen een bepaald risico. Uiteindelijk komt het dan neer op samenwerken terwijl alle veiligheidsoverwegingen worden gerespecteerd. In de toekomst zullen er legio van deze spelers komen (kijk naar AI-toepassingen), want innovatie en snelheid brengen je nu tot eenzame hoogte. Immers: in het land der blinden…

Foto: Matthew Henry

Brazilië als voorbeeld

In geval van Technationalisme groeien ook andere, minder fraaie belangen binnen de landsgrenzen  van andersoortige regimes. Een land als Brazilië is een goed voorbeeld van een omslagpunt waar zorgvuldig werken en compliance dreigen over te gaan in de controledrang van de machthebbers. Zo kende men er de hoogtijdagen als een van de BRIC-landen – het buzzword BRIC van Goldman Sachs archetypeerde de economisch meest voorspoedigste landen –. En nu is er het Bolsenaro-regime. Pieken en dalen op allerlei vlakken: van oliegrootmacht tot corruptieschandalen.

Gegevensverzameling heeft altijd een prominente rol gespeeld in Brazilië. Dat kan ook niet anders in een land met zoveel inwoners. Het levert een gouden datacombinatie van schaal en inzicht in de variabelen. Efficiënt databeheer faciliteert het besturen van zeer grote groepen mensen, het geeft immers goed inzicht.

Al vroeg hield het land zich bezig met internet-governancevraagstukken en zo plaveide het de weg voor gegevensbescherming in vooruitstrevende wetten. Vandaag groeit er een infrastructuur voor gegevensverzameling en toezicht. Echter, het grote talent van de gegevensverzameling dreigt zich nu tegen de bevolking te keren.

Zo lezen we in MIT Technology Review dat president Bolsonaro vorig jaar een decreet ondertekende dat overheidsinstanties verplicht de bulk aan gegevens over Braziliaanse burgers te delen en te consolideren in een basisregister. En dat zonder debat.  Vanzelfsprekend is nu het voor de hand liggende argument consistente data en vlotte gegevensuitwisseling in een tijd van Corona. Maar er zit een kwade genius op. Het hebben van zeer uitgebreide, geconsolideerde profielen met biometrische gegevens en gezondheidsdossiers zet de burger volledig in de kijker.

Foto: Morgan Housel

Denk eens mee..

Het levert stof tot nadenken: wendbaarheid is je afvragen wat succesvol betekent op de wereldkaart en welke prijs het land de burgers laat betalen. Welke technologische producten of diensten zullen de internationale wedloop de komende jaren overheersen? En hoe denk jij daarover?

 

 

 

 

 

Andere blogs…

Strategisch wenden of draaien?

Strategisch wenden of draaien?

De woorden ‘wenden’ en ‘draaien’ zijn synoniemen. Maar de gevoelswaarde ligt wel wat anders. Draaien lijkt een gestage...

Deel

Deel dit bericht met je netwerk